Deze website gebruikt cookies - Meer info - Ok, ik snap het
Toggle Nav

Graszoden, tuinbeplanting, haagbeuken, sierheesters

Graszoden

Veel tuinbezitters geven tegenwoordig de voorkeur aan graszoden. Het wachten tot een ingezaaid gazon is dichtgegroeid en daarmee gebruiksklaar is duurt men vaak te lang.

Graszoden zijn daarentegen na enkele weken al vastgegroeid en dan is uw gazon of uw speelveld klaar om gebruikt te worden.

Graszoden bestaan uit levend materiaal, hierdoor hebben de graszoden een goede verzorging nodig. Indien de graszoden zijn opgerold blijven de graszoden 24 uur in een goede conditie.

Opgerolde zoden dienen niet in de zon te worden gelegd (dit om uitdroging te voorkomen). Indien het direct verwerken van de graszoden niet mogelijk is, dan is het uitrollen van de graszoden en deze met water besproeien noodzakelijk!

Voor een optimaal resultaat dient u de zoden op een goed voorbewerkte ondergrond te leggen. Het is van belang dat de ondergrond voldoende vocht en voedingsstoffen bevat.

Wanneer graszoden leggen?


Graszoden leggen kan eigenlijk in alle maanden van het jaar, behalve als het vriest of als het sneeuwt. De grond is dan bevroren en het oogsten van de graszoden voor levering aan u is in genoemde omstandigheden niet mogelijk.
In het geval het gaat vriezen nadat de graszoden zijn gelegd, zullen de graszoden niet afsterven maar slechts bevriezen. Zodra de graszoden ontdooien en het warmer wordt zullen de wortels meteen weer doorgroeien.

In ons bedrijf is het weleens voorgekomen dat wij zonder problemen graszoden hebben geleverd tussen kerst en oud en nieuw!

Er dient wel rekening te worden gehouden met het verschil tussen de lichtintensiteit in het voorjaar en in het najaar. In het najaar is de lichtintensiteit namelijk veel lager als in het voorjaar.

Doordat de lichtintensiteit lager is, duurt het wel langer voordat de graszoden zijn vastgegroeid.

Vooral het leggen van graszoden onder of langs bomen is in het najaar moeilijker, omdat het gras op die plekken kan verstikken door het gebrek aan licht. In voornoemde situaties is het verstandig om tot het voorjaar te wachten.

De werkvolgorde in zes stappen

1. Spitten.
U begint met de grond te spitten.  Bij de vernieuwing van het gazon dient de oude zode goed ondergespit te worden. Bij een nieuw gazon is het verstandig om de ondergrond eerst ongeveer 50 cm diep los te maken. U kunt de voedingstoestand van de bodem verbeteren door er daarna een laagje potgrond of bemeste tuinaarde over te strooien; dit moet goed door de bovenste 10 cm van de losgemaakte grond worden gemengd om verbranding van de jonge wortels te voorkomen. Na het spitten mogen er in verband met verbranding geen meststoffen op de ondergrond worden gestrooid!

2. Egaliseren.
Voor het leggen van de graszoden moet de ondergrond voldoende vast en volkomen egaal zijn. Bij voorkeur wordt vorenstaande gerealiseerd door het aanlopen van de zoden, maar ook door rollen wordt de ondergrond vastgedrukt. Daarna kan de ondergrond met een hark geëgaliseerd worden. Het beste resultaat voor een geëgaliseerde ondergrond krijgt u door met een plank de grond te schaven: dit wordt afrijden genoemd. Afrijden voorkomt putten, bulten en een slechte, oneffen maaihoogte. Na het afrijden dient de grond licht los geharkt te worden.

3. Graszoden uitrollen.
Tijdens alle bewerkingen mag de grond iets vochtig zijn, maar absoluut niet te nat! Op een dichtgesmeerde grond zal de graszode namelijk moeilijk aanslaan. Wacht dus tot de grond voldoende opgedroogd is. Rol dan de graszoden uit zodat deze strak tegen elkaar aan komen te liggen.

Strooi vervolgens langs de omtrek van het gazon wat potgrond om uitdroging van de rand te voorkomen. Bij warm en zonnig weer dient u de zoden meteen water geven!

4. Aanrollen en sproeien.
Na het leggen van de zoden is stevig aanrollen of aankloppen belangrijk om goed contact met de ondergrond te krijgen. Na het aandrukken zoveel water geven dat de zoden door en door nat zijn. Vooral bij zonnig weer zeker niet tot ‘s avonds wachten met water geven! U dient de graszoden – zolang deze nog niet vastgegroeid zijn – water te geven, dit is bepalend voor het succes. De eerste paar weken 2 à 3 keer per dag de graszoden besproeien. Het gras heeft dit vooral in de felle zon hard nodig. De graszoden verdrogen ’s nachts niet.

5. Wanneer maaien?
Vier tot zes weken na het uitrollen van de graszoden zijn deze vastgegroeid. Het gevaar van uitdrogen is dan minder groot. Vanaf nu is het bij droogte verstandig een keer per week ‘s avonds te sproeien. Afhankelijk van het jaargetijde zal er vrij snel na het leggen gemaaid moeten worden. Vaak dient er na één week gemaaid te worden. De maaimachine moet scherp en op de juiste maaihoogte zijn afgesteld. Een siergazon wordt gemaaid op 2 à 3 cm hoogte en een speelgazon op 3 à 4 cm hoogte.

6. Ten slotte….
De eerste maand dient het gazon of speelveld nog voorzichtig te worden behandeld. De zoden moeten eerst stevig op de ondergrond vastgegroeid zijn.